Bouw van ons Hart

Het hart is een holle spier die werkt als een pomp. Het zorgt ervoor dat het bloed eerst naar de longen wordt geleid, waar zuurstof wordt opgenomen en verbrandingsstoffen afgegeven, waarna het bloed naar alle organen van het lichaam wordt gestuurd. Bouw van het normale hart - Het hart is een grote spier die zich ongeveer in het midden van de borstkas bevindt.

De hartspier is speciaal uitgerust om deze werking zonder enige onderbreking te kunnen voortzetten gedurende het hele leven. Daarom heeft het hart voor zichzelf een goede bloedvoorziening via de zogenaamde kransslagaders of coronairen.

Deze zeer belangrijke slagaders zorgen ervoor dat elke hartspiercel constant voldoende energie en zuurstof krijgt om te blijven werken. De continue beschikbaarheid van zuurstof en energie is voor de hartspiercellen van levensbelang, want zelfs enkele seconden onderbreking van deze bloeddoorstroming legt quasi onmiddellijk de werking van de hartspiercellen stil.

• Vier aparte holtes - twee boezems en twee kamers - maken samen het hart.

Boezems en kamers vormen een perfect op elkaar ingespeeld team. Onder aanvoering van de sinusknoop, een automaat in het hart die elektrische signalen afgeeft, trekken boezems en kamers afwisselend samen en pompen zo bloed door het lichaam.

In de hersenen zit een regelcentrum dat de sinusknoop direct aanstuurt. Bij inspanning zal de sinusknoop onder invloed van dit regelcentrum in de hersenen in sneller tempo stroomstootjes afvuren, waardoor het hart sneller gaat kloppen.

• Boezems en kamers worden gescheiden door hartkleppen. Ze kunnen maar naar een kant open, waardoor de stroming van bloed in slechts een richting gewaardborgd is.

De linkerkamer is de sterkste

De linkerkamer trekt veel krachtiger samen dan de rechterkamer. Zijn spierwand is dan ook dikker. Logisch, want de linkerkamer pompt bloed door het hele lichaam. De rechter kransslagader verzorgt de rechter boezem en de rechter kamer. Het bloed stroomt van uit het lichaam via de vena cava superior de rechter boezem in. De boezem pompt het door naar de rechterkamer. Hier begint de zo genoemde kleine bloedsomloop. Vanuit de rechterkamer wordt het bloed naar de longen gepompt. Hier komt het zuurstof arme bloed in aanraking met de longen en neemt weer nieuw zuurstof op. Vanuit de longen komt het bloed in de linkerboezem. De linkerboezem pompt het bloed naar de linkerkamer. De linkerkamer heeft de sterkste spierbuik van het hele hart, want vanuit deze kamer moet het bloed het hele lichaam door worden gepompt. Het is dus het meest gevaarlijk als de linkerkant wordt getroffen door een infarct. Dit deel van het hart moet het meeste werk verzetten.

Waarom bestaat je hart uit twee helften?

Net als alle zoogdieren is de mens warmbloedig en altijd druk in de weer. Om hun lichaam op temperatuur te houden, om lichaamsprocessen zoals de spijsvertering te laten verlopen, én om daarnaast nog allerlei dingen te kunnen doen, hebben mensen een snelle toevoer van zuurstofrijk bloed nodig naar hun organen en spieren. Dat bloed mag niet gemengd zijn met zuurstofarm bloed, want dan is het een minder goede 'brandstof'. Organen en spieren kunnen dan hun werk niet zo goed doen. Een wand tussen de harthelften zorgt ervoor dat dit in orde komt. De wand sluit links en rechts waterdicht af. Zuurstofarm bloed in de rechterkamer kan daardoor niet bij het zuurstofrijke bloed in de linkerkamer komen. Een betere garantie dat het bloed zijn kracht behoudt, is nauwelijks denkbaar.

Eigen leidingen voorzien het hart van brandstof

Evenals gewone spieren, moet het hart voorzien worden van zuurstofrijk bloed. Het hart heeft zijn eigen bloedtoevoer via de linker- en rechter kranslagaders. Dit zijn aftakkingen van de aorta. Het bloed komt vanuit de kransslagaders via een grote ader in de rechterboezem terecht. Zuurstof uit het bloed zorgt ervoor dat de voedingstoffen, die met het bloed meekomen, in de cellen van de hartspier kunnen verbranden, waardoor de spier kan werken.

Het hart verbruikt veel energie en heeft dus veel zuurstof en voedingsstoffen nodig. In rust stroomt er per minuut gemiddeld 225 milliliter bloed door de kransslagaders. Dat is ongeveer vier tot vijf procent van al het bloed dat door het hart wordt gepompt, hoewel het hart zelf minder dan één procent van het lichaamsgewicht uitmaakt.

De bloedvaten van uw hart

De kransslagaders

Uw hart pompt (onder andere) zuurstofrijk bloed naar de rest uw lichaam, maar het heeft ook zelf zuurstof nodig. De bloedvaten die uw hartspier voorzien van zuurstof zijn de kransslagaders (ze liggen in een 'krans' rond het hart). De kransslagaders zijn onderverdeeld in 2 categorieën. Er is de linker- en de rechterkransslagader, die respectievelijk de linker- en rechterkant van uw hart van zuurstofrijk bloed voorzien. Als u aan een coronaire hartziekte lijdt, is dat omdat er één of meer van de grotere kransslagaders geheel of gedeeltelijk verstopt zijn (deze vernauwing heet ook atherosclerose), waardoor er niet genoeg bloed bij de hartspier kan komen. Atherosclerose veroorzaakt pijn op de borst (angina pectoris) en kan leiden tot een hartaanval of een hartinfarct.

De linkerkransslagader (left coronary artery, LCA) heeft na de hoofdstam een splitsing in de LAD (left anterior descending of Ramus anterior descendens) en de RCx (Ramus circumflex). De rechterkransslagader wordt ook wel de RCA (right coronairy artery) genoemd. Deze kransslagader heeft ook een aftakking, die we Ramus posterior descendens noemen.

• Het hart is aangesloten op kilometers bloedvaten

Bloedvaten verdelen het bloed vanuit ons hart over het hele lichaam. Daar is een totale lengte van 100.000 kilometer aan bloedvaten mee gemoeid. Evenveel als twee en een halve keer de omtrek van de Aarde. Het bloed stroomt door slagaders, haarvaten en aders. Slagaders zorgen voor de bloedstroom van het hart af, aders zorgen voor de bloedstroom naar het hart toe.

• Een sporthart pompt voor twee

Sporters hebben meer spiermassa dan mensen die vastgekleefd zitten aan hun stoel. Een grotere spiermassa betekent dat het hart meer bloed moet rondpompen om alle hongerige spiercellen van voedsel te voorzien, zodat ze kunnen presteren. Met vele jaren van training zijn niet alleen de spieren van de sporter groter geworden, zijn hart is ook meegegroeid. Een sporthart is dus flink groter dan een ongetraind hart. Er zitten grotere kamers in, die met elke slag meer bloed kunnen wegpompen. Netto resultaat is dat een sporthart niet sneller hoeft te pompen om extra zuurstof naar de spieren te voeren.

De meest voorkomende hartafwijking waaraan jonge sporters overlijden (aangetroffen in ongeveer de helft van de gevallen), is de hypertrofische cardiomyopathie, afgekort HCM. Hypertrofisch betekent dat de hartspier te dik is, cardiomyopathie betekent dat de hartspier ziek is. Dus, vrij vertaald, een 'zieke, dikke hartspier'. De wand van de linkerhartkamer, de grote pomp van het lichaam, heeft meestal een dikte (in ontspannen toestand, dus als hij niet samentrekt) van tien tot twaalf millimeter.

Het hart van een sporter krijgt afvalstoffen ook sneller uit de spieren weg. Gevolg: sportspieren verzuren minder snel. Atleten presteren dus niet alleen beter, ze worden ook minder gauw moe. Waar denksporters flink hijgen als ze een sprintje trekken, kunnen zij nog wel even doorgaan.

De hamvraag: waar zit je hart?

Je hart zit ingeklemd tussen de leveranciers van zuurstof: de longen. Het hart is een kwetsbaar orgaan dat goed moet worden beschermd. Daar zorgen je ribben voor, door als een kooi hart en longen te omsluiten. Het hart is een holle spier in de borstholte, die vele malen per minuut bloed uit de aders opvangt en in de slagaders pompt. Het menselijke hart heeft een grootte van een vuist. Het ligt in de borstholte direct achter het borstbeen en boven het middenrif. Van boven is de vorm onregelmatig door de aansluiting van de vele grote bloedvaten en aan de onderkant eindigt het hart in een stompe punt die naar de linker lichaamszijde wijst. Het hart ligt tegen het borstbeen aan en niet-zoals vaak gedacht wordt-uitsluitend in de linkerhelft. Aan de rechterzijde reikt het hart bij een volwassene tot ca. 2 1/2 cm naast de rechter zijde van het borstbeen, aan de relinkerzijde ligt ede hartpunt in de vijfde tussenribruimte tussen de vijfde en de zesde rib in, ca. 8 cm van het midden van het borstbeen

Laatst aangepast op zaterdag, 02 februari 2013 22:39

Gerelateerde items (op tag)

Advertenties

 

Laatste berichten

Meest gelezen

Disclaimer

Alle documenten op deze sites zijn louter informatief en mogen niet als rechtsgeldige beschouwd worden. De vzw kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor de informatie op deze website. Hoewel het onze bedoeling is om bijgewerkte en juiste informatie te verspreiden, kunnen we geen perfect resultaat garanderen. Eventuele onjuistheden die ons worden gesignaleerd, zullen we zo spoedig mogelijk verbeteren.

Powered by Webdesign en fotostudio verhuur onderdeel van PeoplesProjects.