Anastomose

Als minstens twee slagaders verstopt zijn, biedt een overbrugging betere termijnoverleving.

Het verbinden van twee bloevaten bv. Het plaatsen van een overbrugging:

Stent of overbrugging? Een koerswijziging….

Sinds de komst van de stent (een metalen gaasje dat ingebracht wordt in de verstopte slagader om ze te openen) is de overbrugging (bypass) verdrongen naar de achtergrond. Zozeer dat deze zware chirurgische techniek vandaag alleen nog toegepast wordt bij oudere en minder gezonde patiënten. Een evaluatie op lange termijn vergeleek echter de voor- en nadelen van beide methoden en gaat in tegen de huidige praktijken…

  • De voorbije twintig jaar is de cardiologie er sterk op vooruitgegaan.

    Als de slagaders dichtslibben, waardoor het risico op een hartaandoening (angina pectoris, hartinfarct,…) stijgt, zijn geneesmiddelen niet meer voldoende en moet er drastischer ingegrepen worden.

    Er zijn dan twee mogelijkheden. De eerste is een overbrugging: een vaattransplantatie waarbij rond de verstopping in de slagader een nieuwe ader wordt gelegd, zodat er weer bloed door de kransslagaders kan stromen. Het gaat hier om een zware ingreep met een lange herstelperiode en een hoge operatieve mortaliteit.

    De tweede techniek is recenter. Het gaat om een zogenaamde angioplastie, waarbij de slagader wordt verwijd door er een stent (of vaatstut) in te plaatsen, om ze anastomoseopen te houden.

    Op korte termijn lijkt die laatste methode te verkiezen boven een overbrugging..

    Op langere termijn worden de voordelen van een stent echter niet bevestigd. Dat blijkt uit een grootschalige studie bij 60.000 patiënten. Na drie jaar is de mortaliteit immers veel lager bij een overbrugging, wanneer minstens twee slagaders verstopt zijn.

    De auteurs vergeleken 37.000 patiënten die een overbrugging hadden gekregen en 22.000 patiënten die een angioplastiek hadden ondergaan. De operatieve mortaliteit lag veel hoger bij de overbrugging, maar het sterfterisico tijdens de operatie hangt grotendeels af van de algemene en cardiale toestand van de patiënt. En die was nu net minder goed bij de patiënten die een overbrugging kregen.

    Geruime tijd na de operatie bleek dat de patiënten die drie overbruggingen kregen, 36 % meer kans hadden om drie jaar later nog in leven te zijn dan de patiënten die een stent kregen ingeplant. Bij patiënten die twee overbruggingen kregen, was dat 24 %.

    Ander belangrijk feit: 8 % van de patiënten bij wie angioplastiek werd toegepast, moesten nadien toch een overbrugging krijgen, terwijl 27 % een nieuwe stent nodig had.

    Conclusie: als minstens twee slagaders verstopt zijn, biedt een overbrugging een betere langetermijn overleving. Die gegevens zouden wel eens van invloed kunnen zijn op de huidige praktijken.

    Beeldvorming door magnetische resonantie: een niet-invasief onderzoek van onze slagaders.

    Ook van de bloedvaten kunnen nu beelden worden gemaakt met behulp van beeldvorming door nucleaire magnetische resonantie (NMR of kernspintomografie) en de resultaten daarvan zijn betrouwbaar. Een NMR is minder traumatiserend dan een coronaorografie en gemakkelijker. Het zou dan ook kunnen dat men in de toekomst eerder een NMR zal verrichten dan een coronaorografie.

    - Veel minder agressief voor de patiënt- Overtuigende resultaten.

    - Veel voordelen en weinig contra-indicaties.

    Hart- en vaatziekten komen zeer vaak voor in onze rijke contreien. Onze slagaders hebben echter de vervelende neiging stilaan dicht te slibben. Dat is onder meer toe te schrijven aan wat we eten en aan het gebrek aan lichaamsbeweging. Bijzonder belangrijk zijn de kransslagaders (coronaire arteriën), want die voorzien de hartspier (myocard) van zuurstofrijk bloed. Als de kransslagaders vernauwen of verstoppen, kan de patiënt een myocardinfarct krijgen.

    Doorgaans wordt een coronaorografie (röntgenfoto's van de kransslagaders) uitgevoerd om afwijkingen van de kransslagaders op te sporen. Het principe van het onderzoek is eenvoudig, maar het onderzoek zelf is toch vrij zwaar. In tegenstelling tot de beenderen laten de slagaders immers röntgenstralen door. Om de slagaders zichtbaar te maken, moet men een radio-opake contraststof inspuiten. De arts maakt een incisie in de lies en brengt dan een katheter in de liesslagader in. De katheter wordt verder opgeschoven tot aan de kransslagaders. Dan spuit men de contraststof in en worden er foto's gemaakt. Het onderzoek gebeurt in het ziekenhuis onder lokale verdoving.

    Maar dankzij de vooruitgang van de technologie werden nieuwe onderzoeksmethoden ontwikkeld, waaronder NMR of beeldvorming door magnetische resonantie. Het principe van dat onderzoek is veel complexer, maar het onderzoek zelf is veel eenvoudiger.

    Veel minder agressief voor de patiënt.

    Bij een NMR wordt de patiënt in een enorme cilindrische elektromagneet geplaatst die een krachtig magnetisch veld voortbrengt. Het toestel is verbonden met een computer die de gegevens verwerkt en beelden geeft in de vorm van coupes van het lichaam van de patiënt in alle richtingen. Zo kan men de letsels precies observeren.

    NMR werd eerst aangewend voor onderzoek van het zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg), de beenderen en de gewrichten. Maar dankzij recente ontwikkelingen kunnen nu ook de bloedvaten verder onderzocht worden om afwijkingen van de bloedsomloop op te sporen.

    Overtuigende resultaten

    Artsen uit Amsterdam vergeleken de twee technieken (NMR en coronaorografie). De studie werd uitgevoerd bij 38 patiënten met veneuze overbruggingen (overbrugging van een vernauwde of verstopte kransslagader met een veneuze ent) en klachten van angina pectoris (pijn in de borst, wat zou kunnen wijzen op verstopping van de overbruggingen). Uit het onderzoek bleek het volgende: hoe meer de overbrugging vernauwd was, des te betrouwbaarder was de NMR (in 82 tot 88% van de gevallen als de diameter van de overbrugging gehalveerd is en in 100% van de gevallen als de overbrugging volledig verstopt is).

    Veel voordelen en weinig contra-indicaties.

    Een NMR doet geen pijn. Er zijn geen ongewenste effecten bekend en het onderzoek kan zelfs bij zwangere vrouwen worden toegepast. Er komen geen stralen aan te pas en er is ook geen risico op allergische reacties, wat soms wel het geval kan zijn bij een chromatografie (allergische reactie op de contraststof). De patiënt moet niet in het ziekenhuis worden opgenomen, moet nadien niet rusten en de resultaten zijn de dag zelf of 's anderendaags reeds bekend.

    Personen die metalen voorwerpen in hun lichaam hebben (stukjes metaal ten gevolge van een ongeval of een pacemaker bijv.) mogen geen NMR ondergaan. Daarom wordt voordien het best een klassieke röntgenfoto gemaakt. Bij zwaarlijvige personen is de beeldkwaliteit soms minder goed.

    Een NMR-toestel is echter zeer duur en dit geldt ook voor het onderzoek. Daarom wordt het onderzoek nog niet zo vaak aangevraagd. Maar op termijn zou NMR de klassieke coronaorografie wel eens kunnen verdringen. Bovendien duurt het onderzoek vrij lang. Als het toestel bezet is voor een onderzoek van de kransslagaders, kan het uiteraard niet worden gebruikt voor aandoeningen waarvoor het onderzoek soms meer aangewezen is. Daarom moeten de indicaties goed worden gesteld. Het is immers niet mogelijk alle patiënten die een hartinfarct hebben doorgemaakt, met NMR te onderzoeken: de ziekenhuizen kunnen immers nu al de aanvragen voor tumoren niet aan. NMR is dus een methode voor de toekomst, maar dat mag niet gaan ten koste van de patiënten die werkelijk een NMR nodig hebben!

  • anastomose, overbrugging realistische, afbeeldingen, duidelijk beeld, hartziekte,

    Deze afbeeldingen kunnen schokkend zijn, maar we proberen de realiteit zo goed mogelijk weer te geven.

  • Alle documenten op deze sites zijn louter informatief en mogen niet beschouwd worden als rechtsgeldige documenten.De vzw kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor de informatie op deze website. Hoewel het onze bedoeling is om bijgewerkte en juiste informatie te verspreiden, kunnen we geen perfect resultaat garanderen. Eventuele onjuistheden die ons worden gesignaleerd, zullen we zo spoedig mogelijk verbeteren.

Medische behandelingen

Soorten medische behandelingen

Hartritmestoornissen, hartinfarct, een stent of transplantatie, daar hebben we van gehoord, zelfs een bypass denken we te kennen, maar het fijne weten we niet. Dat laten we over aan gespecialiseerde artsen.

 

"De reden dat ik ziekten heb, is dat ik een lichaam heb. Als ik geen lichaam had, wat voor ziekte zou ik dan kunnen hebben?"

U weet het zeker:"dit geen tweede keer !"

Na het doormaken van een hartinfarct weet u het zeker: "dit geen tweede keer meer!". Er zijn een aantal factoren waar u zelf iets aan kan veranderen om de kans op een tweede infarct te verkleinen. Niet alleen stoppen met roken en meer te bewegen, maar ook door uw eetgewoonten aan te passen. Het is belangrijk dat u gevarieerd en lekker eet, anders houdt u het niet vol. Lekker en gezond eten gaan heel goed samen. Er zijn dan wel een paar dingen om op te letten, vandaar dit voedingsadvies.

Cholesterol

Eén van de risicofactoren voor het krijgen van een hartinfarct is een te hoog cholesterolgehalte in het bloed. Dit kan verhoogd zijn door het eten van het verkeerde vet, een te hoog lichaamsgewicht of door een erfelijke oorzaak. Cholesterol is een stof die door het lichaam zelf wordt aangemaakt en wordt gebruikt voor het opbouwen van onder andere hersenweefsel en bepaalde hormonen. Cholesterol is zeker noodzakelijk, maar niet in grote hoeveelheden. Er zijn twee soorten vet: verzadigd en onverzadigd vet. Verzadigd vet verhoogt het cholesterolgehalte en verhoogt daarmee het risico op hart- en vaatziekten.

Onverzadigd vet helpt juist het cholesterolgehalte te verlagen en is dus beter. Verzadigd vet komt voor in roomboter, koekjes, gebak, snacks, vette vleeswaren, eieren en orgaanvlees.

Onverzadigd vet komt vooral voor in olie, vloeibare bak- en braadproducten,vloeibare/zachte margarine of halvarine, noten en vette vis. Voorbeelden van vette vis zijn zalm, bokking, heilbot en makreel. De onverzadigde vetten van vis hebben, naast een gunstige invloed op het vetgehalte in het bloed, ook een beschermende werking tegen hartritmestoornissen.

Daarom luidt het advies: wees matig met vet en kies vooral onverzadigd vet. Eet één à twee keer per week vette vis.

Groente en fruit

Ook het eten van groente en fruit vermindert de kans op hart en vaatziekten. Dit komt door de aanwezige voedingsstoffen zoals kalium, antioxidanten en vezels. Mogelijk spelen ook andere stoffen een rol. Het advies is om dagelijks 200 gram groente en fruit te eten.

Matig met zout

Wees matig met zout. Teveel zout zorgt voor een verhoging van de bloeddruk. Een te hoge bloeddruk is schadelijk voor hart- en bloedvaten. Door het eten van minder zout kan de bloeddruk beter onder controle worden gehouden. U kunt uw maaltijd meer smaak geven door gebruik te maken van kruiden, zoals basilicum, kerrie, peper en oregano. Beperk producten die grote veel zout bevatten, zoals kaas, chips, soepen, sauzen enz...

Naast het verminderen van zout, zorgen gewichtsvermindering, het eten van groente en fruit en meer lichaamsbeweging voor verlaging van de bloeddruk. Samen met bloeddruk verlagende medicijnen, hebben ze een versterkend effect op de verlaging van de bloeddruk.

Overgewicht.

Overgewicht heeft allerlei gevolgen: suikerziekte, hoog cholesterolgehalte en een hoge bloeddruk. Dit zijn allemaal risicofactoren voor een herhaling van een hartinfarct. Daarom is het belangrijk dat u een gezond lichaamsgewicht heeft. Met de Body Mass Index (BMI) en tailleomvang kan op een eenvoudige wijze worden nagegaan in hoeverre het lichaamsgewicht gezond is. Er moet een balans zijn tussen uw dagelijkse voedselinname en de energie die u verbruikt. Energie haalt u uit voedsel en verbruikt u door lichamelijke activiteiten. Maar als u teveel eet en/of te weinig beweegt dan verbrandt u te weinig energie. Dit wordt opgeslagen als vet. Hierdoor wordt u dikker. Met een gewichtsverlies van 5 tot 10 kg is al veel gezondheidswinst te behalen.

Voedingsgewoonten veranderen is ingrijpend. Informatie en begeleiding zijn noodzakelijk. De diëtist kan advies en begeleiding op maat geven. Dit is niet altijd de diëtist van het ziekenhuis. Ook in het revalidatiecentrum, de thuiszorg in eigen woonplaats of de zelfstandig gevestigde diëtist kan begeleiding bieden. Hiervoor is wel een verwijzing van uw huisarts of specialist nodig. Dit kunt u vragen aan uw dokter. Vraag uw ziektekostenverzekeraar in hoeverre de kosten worden vergoed.

U hebt niet gevonden wat je zocht?

Correcties en/of opmerkingen zijn altijd welkom. Ook eventuele ontbrekende artikelen kunnen hier gemeld worden.